De pasvorm begint bij de schouders
De schoudernaad hoort ongeveer op het uiteinde van je schouderbot te vallen. Zakt de naad over je bovenarm, dan is het shirt te groot. Zit hij er ruim binnen, dan trekt de stof bij elke beweging. Daarna kijk je naar de lengte: het shirt moet tot halverwege je gulp vallen, zodat het niet omhoog kruipt als je je armen optilt, maar ook niet als een jurk over je broek hangt.
Fabrikanten werken vaak met verschillende snitten. Een rechte snit valt los en geeft ruimte, een getailleerde snit loopt iets taps toe naar de taille. Welke het best staat, hangt af van je postuur en waarvoor je het shirt draagt. Onder een overhemd werkt een nauwere snit meestal beter, omdat er dan minder stof opbolt.
Ronde hals of V-hals
Een ronde hals is de klassieke keuze en werkt bijna altijd. Een V-hals is handig als je het shirt onder een overhemd met open boord draagt, omdat het dan onzichtbaar blijft. Let bij beide op de boord: een stevige, iets dikkere halsband blijft na het wassen beter in vorm dan een dunne rand die snel gaat golven.
Stof en gewicht
Katoen is de standaard voor T-shirts omdat het ademt en zacht aanvoelt. Gekamd katoen heeft langere vezels en voelt gladder aan dan gewoon katoen. Een klein percentage elastaan geeft meer rek en zorgt dat het shirt na het dragen beter terugveert. Het stofgewicht zegt iets over hoe dik het shirt is. Een licht shirt is luchtig voor de zomer of als onderlaag, een zwaarder shirt valt mooier en is minder doorschijnend.
- Licht katoen: koel en geschikt als onderlaag.
- Middelzwaar katoen: de meest veelzijdige keuze voor dagelijks gebruik.
- Zwaar katoen: stevig en minder doorschijnend, fijn als los shirt.
- Katoen met elastaan: rekt mee en blijft beter in vorm.
Hoe vaak je wast en hoe
Een T-shirt dat direct op de huid zit, was je meestal na een of twee keer dragen. Draag je het als onderlaag onder een trui, dan neemt het zweet op en is wassen na elke dag verstandig. Was op dertig of veertig graden, binnenstebuiten en met vergelijkbare kleuren. Dat voorkomt verkleuring en pluizen aan de buitenkant.
De droger is de grootste vijand van een T-shirt. Door de warmte krimpt katoen en verliest de boord zijn vorm. Hang shirts liever op een hanger of over een rek te drogen, en trek ze na het wassen even in model terwijl ze nog vochtig zijn. Dan hoef je ze vaak niet eens te strijken.
Omdat je basisshirts zo vaak draagt en wast, is het handig om er meerdere van hetzelfde model te hebben. Dan slijten ze gelijkmatig en weet je precies hoe ze vallen. Bij Hemd voor Hem, een webwinkel in herenondergoed en T-shirts, staan de effen basisshirts van het merk Alan Red bijvoorbeeld bij elkaar. Vergelijk bij elk merk de maattabel met een shirt dat je nu al goed vindt zitten.
Een vaste set in je kast
Met een paar shirts in wit, zwart, grijs en marine kom je in vrijwel elke situatie goed voor de dag. Kies een pasvorm die bij je past, een stof die bij het seizoen hoort, en was ze voorzichtig. Dan blijft je basis lang een basis.




Comments are disabled for this post.